Dirigent


Sinds 23 augustus 2017 is Enrico Ruggieri onze dirigent. Hij zegt het volgende over zichzelf:

 

“Muziek speelde altijd een belangrijke rol in mijn leven, al vanaf mijn 6e.

Ik groeide op met de piano, zowel klassiek als jazz. Overdag studeerde ik Mozart en Bach en ’s avonds speelde ik mijn eigen muziek in café’s en bars. Ik werd lid van een koor op mijn 12e, en dirigeerde voor het eerst op mijn 17e. Die ervaring veranderde mijn leven en zo werd ik dirigent van beroep.

Ook al had ik naast de muziek nog een passie, namelijk architectuur, het maken van muziek kreeg zo de overhand dat het al snel alles overheerste. Ik nam afscheid van de architectuur, hoewel ik wel plezier had van vaardigheden als langetermijnplanning en het leiden van teams. Ik ging verder met de muziekstudie en die bracht me van mijn woonplaats Pescara naar Rome. En van daar naar Bologna en later dus naar Nederland.

Daar volgde ik mijn passie voor oude muziek, met speciale aandacht voor gewijde koormuziek. Onderzoek vormde een belangrijk onderdeel van mijn studie-praktijk, vooral de herontdekking van vergeten repertoire. Ik vind het prachtig om nog niet gepubliceerde bronnen te vinden, die te onderzoeken, te transcriberen en die muziek in een concert uit te voeren. Mijn huidige specialisatie is de gewijde Portugese muziek uit de 18de eeuw.

Al vanaf mijn jeugd is het door muziekgenres heen banjeren altijd een van mijn favoriete bezigheden geweest. Nieuwsgierig zijn naar minder bekende of helemaal onbekende muziek van wat voor soort of uit welke tijd ook, ligt aan de basis van veel van mijn projecten en concertprogramma’s.

Maar wat me echt raakt in mijn werk zijn de mensen. In de eerste plaats is dat hun stem, hun instrument, maar zeker ook van belang is datgene waar ze in geloven, hun gevoelens en verwachtingen. Muziek maken is het samenbrengen van die energie in de mooist mogelijke uitvoering, in een vorm van wederzijds respect. Als de dirigent niet alleen maar de maat slaat, maar ook zorgt dat de muziek zich kan verbinden met gevoel en emotie, dan ontstaat dat gouden moment van eenheid tussen koor en dirigent…  Dat is waar ik naar streef!

In de loop van mijn dirigentenjaren heb ik een paar dingen geleerd die bepalend zijn geworden voor mijn werken met koren, zoals:
‘plezier is net zo belangrijk als de goede toon’; ‘kies de muziek die past bij de mensen’; ‘de muziekstijl is een middel om te komen tot een oprechte uitvoering’; ‘hoe meer aandacht bij de repetities, hoe makkelijker de concerten gaan’. Dat is de manier waarop ik met mijn reguliere koren repeteer, maar ook met projectkoren of professionele ensembles.”